We hebben geen idee wat we moeten met ons radioactieve afval

Kerncentrales en de productie van nucleaire wapens leveren ons naast stroom en militaire macht nog iets op: nucleair afval. In een uitzending van Last Week Tonight afgelopen zondag ging presentator John Oliver in op het probleem van onverwerkt nucleair afval in Amerika. Daar is tot op de dag van vandaag nog geen permanente oplossing voor gevonden. Hoe zit dat in Nederland?

De satirische nieuwsshow legde een groot probleem bloot: we produceren jaarlijks steeds meer nucleair afval, en hebben geen plek om het te laten. Of zoals hij het in een metafoor samenvatte: We hebben een huis gebouwd, maar zijn de wc vergeten.

Ook in Nederland hebben we geen permanente opslagplaats voor ons nucleaire afval. Volgens anti-nucleaire actiegroep WISE Nederland hadden we in 2014 zo’n 10.000 kubieke meter middel-en laagradioactief afval en 68 kubieke meter hoogradioactief afval. Ter vergelijking: dat zijn 68.000 hoogradioactieve melkpakken .

Dat afval komt grotendeels van drie 3 kerncentrales in Nederland. De bekendste is de kerncentrale in Borsele (KCB), die daar sinds 1973 staat om energie op te wekken.

De kerncentrale in Borsele / ANP FOTO/KOEN SUYK

De tweede ligt in Petten en heet de Hoge Flux Reactor (HFR), die uit 1961 komt en wordt gebruikt voor medisch onderzoek. Ten slotte staat er nog een reactor in delft, de Hoger Onderwijs Reactor (HOR) die, zoals de naam al weggeeft, wordt gebruikt voor onderwijs en onderzoek op de TU Delft.

Alle soorten kernafval geven straling af. Er zijn drie klassen: laag, middel en hoogradioactief afval. Die indeling is gemaakt op basis van de duur dat het opgeborgen moet worden voordat het zijn straling verliest. Hoogradioactief moet 240.000 jaar worden afgesloten voordat het niet meer gevaarlijk is. Laag-en middelradioactief afval kunnen hun straling sneller verliezen, en hoeven geen duizenden jaren te worden opgeslagen. Hergebruik van radioactief afval wordt al 50 jaar geprobeerd, maar is tot nu toe niet gelukt.

Er is één bedrijf in Nederland dat radioactief afval mag verwerken en opslaan. De Centrale Organisatie Voor Radioactief Afval (COVRA) is verantwoordelijk voor de verwerking van alle soorten radioactief afval. In Vlissingen-Oost, vlakbij de kerncentrale in Borsele, staat een bunker waar COVRA al het nucleair afval heenbrengt.  Ze kunnen daar al het afval dat de komende 100 jaar in Nederland wordt geproduceerd met gemak kwijt.

Naar eigen zeggen ligt het nucleaire afval bij COVRA veilig in Zeeland. De bunker is als het goed is bestand tegen extreme weersomstandigheden en ongelukken, en zal geen problemen opleveren. Dit is hem:

Opslaggebouw voor hoogradioactief nucleair afval / ANP KOEN SUYK

Toch is dit geen definitieve oplossing. COVRA is in handen van de staat en is verantwoordelijk voor de inzameling, verwerking en eindberging van nucleair afval. ‘Eindberging’ is iets dat in Nederland nog niet bestaat: het nucleaire afval met de hoogste soort straling moet in ‘stabiele geologische aardlagen in de diepe ondergrond worden opgeborgen’, waar het vele tientallen duizenden jaren moet blijven liggen. In andere woorden: er moet een grote ondergrondse bunker komen waar we de tonnen met radioactief afval kunnen opslaan zonder dat we daar ooit nog naar hoeven om te kijken.

Maar zo’n ondergrondse opslagplaats is er nog niet. Al 35 jaar wordt er door COVRA onderzoek gedaan naar een definitieve oplossing, waarbij een permanente bergingsplaats in klei of steenzout kan worden gebouwd. Die moeten aan heel veel eisen voldoen, en moet ervoor zorgen dat de mensheid de komende duizenden jaren niks gaat merken van de aanwezigheid van hoogradioactief nucleair afval. Volgens WISE gingen experimenten met opslag in zoutgrond in Duitsland en de VS gepaard met ongelukken en ‘grote problemen’.

Wat is het gevaar? John Oliver noemt in zijn uitzending verschillende voorbeelden waarbij er in de VS grote hoeveelheden radioactieve stoffen in de natuur terecht zijn gekomen. Dieren en mensen zijn daar ernstig ziek van geworden. De opslagruimte in Nederland is wat dat betreft een stuk veiliger. De afgelopen jaren zijn er bij COVRA geen ‘ongewone gebeurtenissen’ geweest. Toch is het belangrijk dat er voor hoogradioactief afval een permanente plek wordt gevonden, omdat het niet voor altijd in de Zeeuwse bunker kan blijven.

Pas in 2100 wordt de beslissing genomen waar 30 jaar later de eerste Nederlandse ‘eindberging’ komt

In doelstellingen van de Nederlandse overheid staat dat er bij de productie van nucleair afval geen onredelijke lasten op de schouders van latere generaties mogen komen te liggen. Toch staat er iets in het beleidsplan wat die wens tegenspreekt. Pas in 2100 wordt de beslissing genomen waar 30 jaar later de eerste Nederlandse ‘eindberging’ komt. Iedereen die nu op deze aarde rondloopt is dan dood. Met andere woorden: het probleem wordt in de schoenen van volgende generaties geschoven.

Tot die tijd gaat de productie van nucleair afval onverminderd door. In 2013 stelde Groenlinks kamervragen aan de toenmalig minister van Economische Zaken Henk Kamp over de productie van nucleair afval terwijl verwerking niet mogelijk was. Groenlinks wilde weten of het wel ethisch verantwoord was om afval te blijven produceren terwijl er geen langdurige veilige opslag mogelijk is. Kamp verwees in zijn antwoord naar de opslagplaats in Vlissingen, waar het afval tot 100 jaar kan blijven liggen. Een betere oplossing is er nog niet.