Hoe de tiener van nu mentaal wordt verwoest door de smartphone

De huidige generatie tieners en adolescenten kampt, meer dan vorige generaties, vaak met psychische klachten. De oorzaak: het alsmaar omringd zijn door het internet.

Dat betoogt de Amerikaanse psycholoog Jean Twenge in haar nieuwe, populair-academisch getitelde boek iGen: Why Today’s Super-Connected Kids Are Growing Up Less Rebellious, More Tolerant, Less Happy—and Completely Unprepared for Adulthood—and What That Means for the Rest of Us.

Tieners voelen zich nu veel vaker eenzaam en zijn veel vatbaarder voor depressie

Volgens Twenge, die onderzoek heeft gedaan naar de jeugdcultuur van verschillende generaties, is er een opmerkelijke kentering te zien in hoe de jeugd zich gedraagt, zo rond het jaar 2012. Twenge ziet daarin hoe tieners plots minder in zijn voor drinken, roken, seks hebben, autorijden en andere ‘fysieke’ ervaringen die door vroegere generaties werden geassocieerd met een eerste stap naar onafhankelijkheid.

De tieners na 2012 blijven vaak thuis, spreken zelden af met hun leeftijdsgenoten en wanneer ze dat doen, kijken ze elkaar niet recht aan tijdens het praten maar zitten ze constant te kijken naar hun telefoon tijdens het converseren.

Vakantie!

Laat dat stomme ding anders eens thuis.

(Of check er alleen af en toe BIG op).

Tot zover wellicht niets nieuws, maar belangrijker: ze voelen zich veel vaker eenzaam en zijn veel vatbaarder voor depressie.

Twenge keek even wat er in het jaar 2012 gebeurde dat kon hebben gezorgd voor de kentering, en het antwoord ligt redelijk voor de hand: vanaf dat jaar werd de smartphone beschikbaar voor het massa-publiek. De iPhones en zijn clones waren natuurlijk al langer verkrijgbaar, maar niet op zo’n grote schaal, in alle lagen van de bevolking.

Twenge beschrijft in The Atlantic haar ervaringen met tieners, en kwam er naar eigen zeggen achter dat veel jongen mensen vaak het gevoel hebben buitengesloten te zijn wanneer ze Facebook checken. Ze heeft overigens goede hoop dat het deze generatie is die zichzelf zal gaan reguleren: steeds vaker hoorde ze tieners praten over hoe vervelend ze het vinden dat hun leeftijdsgenoten vastgeplakt zitten aan hun telefoon.

Eén van Twenges meest ‘opmerkelijke ontdekkingen’: vrijwel alle tieners met wie ze sprak hadden hun telefoon naast hun bed liggen, wat Twenge vreemd vindt. Welterusten.