Een pleidooi voor de radicale twerk: ‘waarom schudden we niet allemaal met onze kont?’

“Waarom schudden we niet allemaal met onze kont?”, vraagt Lucille Toth, academicus in Frans en performance art, zich af in de culturele studie ‘Praising twerk: why aren’t we all shaking our butts?’, gepubliceerd in French Cultural Studies.

Voor degenen die de afgelopen jaren compleet afgesloten zijn van nachtclubs, het internet of media in het algemeen: twerken is best een dingetje geworden. De definitie volgens de Oxford Dictionary: ‘dansen op popmuziek in een seksueel provocerende manier met pompende heupbewegingen in een lage, squattende positie’.

Fuck them skinny bitches in da club, (N. Minaj, 2014).

Maar volgens Toth is twerken meer dan alleen maar met je kont schudden, het staat voor iets groters: twerken is namelijk veel radicaler dan op het eerste oog lijkt, door middel van de twerk wordt het traditionele schoonheidsideaal aangepakt en kunnen mensen zich vrijer seksueel uiten dan voorheen.

Over het algemeen hoort bij twerken een ‘dikke bil’, zegt Toth, of zoals Nicki Minaj al mooi verwoordde in haar nummer Anaconda in 2014: “Fuck them skinny bitches in da club”, waarmee ze het Westerse schoonheidsideaal van ‘witte dunheid’ onderuit haalt.

Toth benadert het bilschudden vrij wetenschappelijk. De dans kan volgens haar gezien worden als ‘diasporisch dansen’ (dat wil zeggen uit Afrika), gepraktiseerd ten tijde van slavernij in de zeventiende en achttiende eeuw en in de nakomende post-koloniale tijd.

Kortom: de geschiedenis van twerken komt bij zwarte mensen vandaan en strekt zich tot in de tijd van de slavernij. Daarnaast is de ‘expliciete en seksuele esthetica van twerken’ volgens de onderzoeker gerelateerd aan de zuidelijk-Amerikaanse context van de systematische onderdrukking van zwarte mensen.

Buiten dat is het twerken ook onderdeel van de queer community. Queer is een parapluterm voor mensen die niet heteroseksueel zijn of zich binnen de binaire geslachtsverdeling en genderrollen niet thuis voelen.

“Queer gaat om de afwijzing van zekerheid, labels verplaatsen en vervangen door vragen. In die zin zorgt de twerk voor het ‘verqueeren’ van mainstream cultuur door een beeld van verzet te creeëren”, aldus Toth. Daarmee wordt de mainstream media gedwongen tot een body positive (tevreden zijn met het lichaam dat je hebt) en inclusief (open voor iedereen) algemeen debat.

De kritiek dat twerken anti-feministisch en objectificerend is, wijst Toth af. “Hoe kan het trash, vulgair en anti-feministisch zijn, als het komt uit een black queer scene die verschillende lichaamsvormen en manieren om te bewegen viert?”, vraagt ze zich af.

Twerken is een soort urban terrorisme

“Twerken gaat verder dan alleen de issues van ras, klasse en gender. Het wordt nu een generationele en verbindende dans”, schrijft Toth. Ze haalt daarbij de zwarte Argentijns-Braziliaanse kunstenares Fannie Sosa aan: “I twerk to remember. I twerk to resist”. Door middel van de documentaire ‘Cosmic Ass’ uit 2015 van Sosa legt Toth uit dat twerken een soort ‘urban terrorisme’ is, dat mensen dwingt te kijken naar de manieren waarop vrouwen publieke ruimtes terugeisen.

“Dus, waarom zijn we niet allemaal aan het twerken? Waarom schudden we niet allemaal met onze kont?”